From French-Dutch FreeDict Dictionary ver. 0.2: tourner /turne/ 1. draaien 2. keren, omdraaien, ronddraaien, wenden, wentelen, zwenken 3. aandoen, aandraaien, aansteken, schakelen, inschakelen
tourner /turne/ 1. draaien 2. keren, omdraaien, ronddraaien, wenden, wentelen, zwenken 3. aandoen, aandraaien, aansteken, schakelen, inschakelen