From English-Dutch FreeDict Dictionary ver. 0.2: stow /stou/ 1. bergen, insluiten, opbergen, opsluiten, wegbergen 2. indoen, inleggen, inzetten 3. stouwen, stuwen, verstouwen
stow /stou/ 1. bergen, insluiten, opbergen, opsluiten, wegbergen 2. indoen, inleggen, inzetten 3. stouwen, stuwen, verstouwen