From German-Dutch FreeDict Dictionary ver. 0.1.5: Schweigen /ʃvˈaɪɡən/ rust, stilte, stilzwijgen
Schweigen /ʃvˈaɪɡən/ rust, stilte, stilzwijgen
From German-Dutch FreeDict Dictionary ver. 0.1.5: schweigen /ʃvˈaɪɡən/ zich stilhouden, zijn mond houden, zwijgen, stilzwijgen
schweigen /ʃvˈaɪɡən/ zich stilhouden, zijn mond houden, zwijgen, stilzwijgen